Ik heb een trui in de kast liggen waar ik geen afscheid van neem, omdat deze mijn hele basisschool periode is ‘meegegroeid’. Ik kan me mijn allereerste lakschoentjes nog herinneren. Ik vond ze prachtig en voelde me een prinses. En ze piepten zo leuk als je ze tegen elkaar aan schuurde, wat ik meerdere keren per dag deed. Daar was mijn moeder dan niet zo blij mee… Mijn eerste échte tas kan ik me nog herinneren en mijn eerste echte dure topje om in uit te gaan (zelf gespaard) haal ik zo voor de geest. Kortom: sommige fashionitems blijven in het geheugen gegrifd.
Hoe jongens over mode denken is inmiddels wel duidelijk. Ze vinden het allemaal best leuk, maar je moet niet te rare fratsen uithalen. Je vriend moet zelf ook een aardige fashionist zijn wilt hij naast je willen lopen in je meest up to date outfit rechtstreeks van de catwalk. Alleen het emotionele aspect van een kledingstuk kan bij hem net zo levendig zijn als bij ons. En dat verbaasde me nogal.
Toen ik met mijn vriend bij de kast stond en terugdacht aan het moment dat ik hem voor de allereerste keer zag, kon hij mij direct – zonder blikken of blozen – vertellen wat ik aan had op die bewuste avond en wat hij droeg. Met stomheid geslagen keek ik naar mijn ‘man’ die vies is van alles wat over the top is, zweert bij zijn overhemden en geen rare uitspattingen heeft op fashiongebied. Hij wist nog wat ik droeg! En… hij wist zelfs nog wat hij droeg! Met het overhemd van die ene avond stond hij in zijn handen bij de kast. Eigenlijk wilde hij hem weggooien zei hij, maar ja… dit overhemd was hem te veel waard. Hij keek er nog eens goed naar, streek het overhemd glad met zijn hand en legde hem plechtig terug in de kast. Zucht… Emotionele waarde…
Hoef ik gelukkig mijn kleren ook niet weg te doen!



